Wekelijkse bakdag in de kleuterklas
1 deel volkoren meel
3 delen volkoren bloem
gist
zout
kan warm water
lepeltje honing
beetje koffiemelk of ei
Meel en bloem in kom doen, maak in het midden kuiltje om gist met beetje warm water en honing op te lossen. Dit papje 10 minuten laten rusten. Daarna scheut warm water toe voegen en kneden. Zoveel vocht toevoegen tot het deeg los komt van handen en van de wand van de kom. De deegbol goed doorkneden. Half uur laten rusten onder doek op warme plek, b.v. boven gootsteen gevuld met deel warm water. Er mag geen tocht bij komen. Dan nog een keer goed kneden en er een brood of feestbroodjes van vormen. Voor glans bestrijken met koffiemelk of losgeklopt ei. Weer half uur laten rijzen en dan in de voorverwarmde oven bakken.
20 tot 30 minuten in warme oven, 230 graden.
Het lukt bijna altijd met dit eenvoudige en beproefde recept uit de klas!
Eenmaal in de week is het bakdag in de kleuterklas. De ingrediënten staan klaar en de baklust is bij een groepje kleuters groot. Schortjes aan en de mouwen opgestroopt. Handjes betasten de buitenkant van de kan warm water. Eentje blaast om te zien of een wolkje bloem opdwarrelt en een vinger gaat over de komrand om te snoepen. Het is elke keer weer een wonder hoe het gist in het kuiltje belletjes laat ploffen of zelfs riviertjes laat stromen. Dan begint het mengen. Water erbij, kneden en de handen van juf vol deeg. "Bah!" zegt de een en "aflikken!' zegt de ander. Het wordt zoveel deeg dat het kneedwerk verder door gaat op het tafelblad en de kinderen gaan helpen. Het kneden is een zwaar karwei. Er zijn kleuters die met hun hele lijf kneden half over tafel met de palmen van hun handen de bol in een paar slagen keren. Maar er zijn ook kleuterhanden die de deegbol heel zachtjes met een vingertje beroeren. De grote deegbol gaat bij het bakkersgroepje van hand tot hand voor het doorkneden. Daarna laten we het deeg rijzen. We dekken het toe en passen op voor tocht. Een paar pottelikkers maken de deegkom helemaal schoon. Zelfs de tafel krijgt een grondige beurt. De andere kinderen spelen.
Na een tijdje zien we dat het deeg rijst, de doek staat bol! We gaan aan tafel om het deeg te delen en ieder kneedt een bolletje. De één aait, de ander wrijft of kneedt handig het lepeltje bloem dat op tafel ligt er door. Daarna maken we er bolletjes, vogelnestjes, slakken, vlechtbroodjes of krentenbollen van. 'JufFie, die slak zonder antennes is van mij!" Alle bolletjes weer laten rijzen, dan om de beurt een broodje schilderen voor de glans. En al liedjes zingend gaan de broodjes naar de oven.
We ordenen de klas en eten. Daarna spelen we buiten en als we later in de gang terug komen..... ruikt het naar onze verse broodjes!
De volgende dag besmeert een groepje kinderen de doorgesneden bolletjes met stroop, honing, jam of pindakaas en volgt een genoeglijke maaltijd.
Aarde droeg het in haar schoot
Zonlicht bracht het rijp en groot
Zon en aarde die ons dit schenken
Dankbaar willen we aan u denken
ook de mensen niet vergeten
Die het bereiden tot ons eten.
Jantina Boelens